Woodsafe FirePRO™

De brandwerende-impregnatienorm van Woodsafe voor binnen- en buitentoepassingen. Met Woodsafe FirePRO™ geïmpregneerde materialen van massief hout en multiplex kunnen worden afgewerkt met verschillende middelen, bijvoorbeeld lak, beits en dekkende verf, zonder verlies van prestaties, zoals B-s1,d0. Woodsafe FirePRO™ kan worden gebruikt als houtgevel in woningen met meerdere verdiepingen, balkons, wanden en plafonds binnenshuis, constructies en toepassingen voor de akoestiek (bijv. beschot, geperforeerd multiplex, verpakking, offshore, voertuigen zoals treinen en vrachtwagens enz.). Woodsafe FirePRO™ is door de Britse Wood Protection Association (WPA) aangeduid als 'humidity resistant' (HR), wat inhoudt dat het product blijvend vrij van uitloging is. Woodsafe FirePRO™ heeft een DoP-verklaring en is CE-gecertificeerd volgens EN14915:2013 en EN13986:2004 voor de meeste houtsoorten (grenen, eik, ceder, berk, es enz.) en multiplexsoorten (berk, grenen, spar, populier). De certificering van Woodsafe FirePRO™ omvat meer dan 31 houtsoortvarianten en meer dan 130 varianten aan brandklasse, behandeling en verwerking. 

Brochure         

Hygroscopiciteit 

Woodsafe FirePRO™ is samengesteld uit niet-hygroscopische stoffen en bevat geen stoffen als ammonium, ureum, di-ammonium, mono-ammonium e.a. Woodsafe FirePRO™ valt onder de typegoedkeuring als niet-hygroscopisch product via een duurzaamheidstest met brandveiligheidseigenschap CEN/TS 15912:2012 DRF INT, INT1, EXT.

Preventieve beveiliging van personen

Gebruik volgens de aanbevelingen van de overheid een bril, handschoenen en een masker in situaties waarin dat nodig is, en zorg voor een goede ventilatie bij schuren en bij stofvorming. Bel het landelijke noodnummer bij acute noodsituaties. In geval van verwonding aan het oog: spoel voorzichtig met lauw water uit een glas of een speciale spoelcontainer totdat de pijn is verdwenen. Als de irritatie aanhoudt: bel een arts via het noodnummer en laat het veiligheidsinformatieblad van het product zien.

Bevestigingsmateriaal

Als bevestigingsmateriaal wordt beschermd door dekkende verf, wordt kwaliteit volgens branchenormen aanbevolen. Als bevestigingsmateriaal niet wordt beschermd door dekkende verf, wordt voor spijkers, schroeven, spijkerplaten e.a. dezelfde kwaliteit aanbevolen als voor Woodsafe Exterior® Fire-X™.

International Building Code (IBC) sectie 2304.9.5.3. Bevestigingsmateriaal voor behandeld hout dat buiten of op natte of vochtige plaatsen wordt gebruikt. Voor bevestiging (waaronder moeren en ringen) van voor brandveiligheid behandeld hout dat buiten of op natte of vochtige plaatsen wordt gebruikt, moeten roestvrijstalen spijkers van ten minste A2-kwaliteit worden gebruikt. Op zee en in vergelijkbare situaties geldt minimaal A4-kwaliteit.
 
Woodsafe Timber Protection beveelt voor montage buiten of op natte of aan weersomstandigheden blootgestelde plekken van Woodsafe Exterior FirePRO™ aan om altijd roestvrij staal (A2 of A4) te gebruiken in de bevestigingsmaterialen (bevestigingen voor houtenmateriaal). Deze aanbeveling is des te belangrijker voor houtsoorten als ceder, eik, thermohout en houtsoorten die bijv. looizuur bevatten of een hoge zuurgraad hebben.

Bouwafval

Woodsafe FirePRO™-bouwafval wordt gesorteerd als brandbaar houtmateriaal. Verbranding in een eigen verbrandingsinstallatie wordt niet aanbevolen vanwege het verminderde verbrandingsvermogen, dat schade aan de installatie kan veroorzaken. Bijproducten van Woodsafe FirePRO™, zoals zaagsel, spaanders en splinters, mogen niet worden gebruikt als stalstrooisel of voor de productie van vaste brandstoffen, zoals briketten, pellets, houtspaanders en dergelijke.

Contact met beton

Hout dat voor brandveiligheid is behandeld met Woodsafe FirePRO™, kan worden gebruikt in contact met beton of metselwerk dat tijdens het gebruik niet nat of vochtig wordt. Drempels, window blocking, voeringsraad en cap blocking op betonwanden of buitenmuren bijvoorbeeld zijn acceptabele toepassingen mits ze zijn opgenomen in de bouwschil en niet worden blootgesteld aan vocht. Woodsafe FirePRO™ kan worden gebruikt in contact met droge betonvloeren. Hout dat is behandeld met Woodsafe FirePRO™, mag niet worden gebruikt in contact met natte betonvloeren of betonvloeren die kunnen worden blootgesteld aan vocht, spoeling of overstroming.

Oppervlaktebehandeling van houtplaten/triplex voor binnentoepassingen

Woodsafe FirePRO™ kan worden afgewerkt voor binnengebruik met blijvende eigenschappen tegen brand, zoals B-s1,d0 in volgens certificering. Goedgekeurde coatingsystemen volgens certificaat SC0243-09 zijn onder andere dekkende verf op waterbasis, lazuurverf, gepigmenteerde lak, dekkende verf op oplosmiddelbasis en twee-componentenzuurlak en hardwax. Het wordt aanbevolen om houtplaten voor binnentoepassingen aan de oppervlakte te behandelen om zodoende de nuances van het hout te bewaren en het hout te beschermen tegen verontreiniging. Dit is echter geen vereiste.

Duurzaamheid        

Woodsafe FirePRO™ heeft goedgekeurde duurzame eigenschappen voor buitentoepassing in overeenstemming met CEN/TS 15912 DRF1, DRF2, EXT met beschilderd oppervlak van Engvall & Claeson en andere fabrikanten. Details over kleurenschema's zijn op te vragen via support(@)woodsafe.se.

Bewerking

Woodsafe FirePRO™ kan worden ingekort en geschuurd en er kunnen gaten in worden geboord enz. Het materiaal kan echter niet zover worden bijgesneden dat een aanzienlijke hoeveelheid brandbeveiligend middel wordt weggenomen. Raadpleeg de klantenservice van Woodsafe voor meer informatie.

Natuurlijk gehalte aan stoffen in de houtsoort die wordt geïmpregneerd

Bepaalde houtsoorten bevatten een zekere mate van mineralen, harsen, lignine en zuur, bijv. looizuur in eikenhout. Dergelijke stoffen kunnen onder bepaalde omstandigheden een reactie aangaan met het impregneerproces. Looizuur kan bijvoorbeeld eikenhout doen verkleuren (zwart, blauwzwart, blauw) en hars en lignine kunnen bij het droogproces uitslaan. Vaak kan dit worden weggepoetst. Dit is een natuurlijke eigenschap en geen aanleiding voor reclamatie. De kwaliteit van het geleverde materiaal is van groot belang voor een optimaal resultaat. Meer informatie is te vinden in bijlage 16, Woodsafe FRW.

Oppervlaktebehandeling 

Met Woodsafe FirePRO™ geïmpregneerd houtmateriaal dient bij buitenbevestiging te worden behandeld, in tegenstelling tot Woodsafe Exterior® Fire-X™-materiaal, dat niet behandeld dient te worden. De schildersystemen die worden gebruikt, moeten van hoogwaardige industriële kwaliteit zijn. Neem contact op met support(@)woodsafe.se voor meer informatie. Er dient altijd in drie lagen te worden geschilderd (grondlaag, tussenlaag en afwerklaag) en daarbij dient voldoende droogtijd en een toereikende dikte van elke laag te worden betracht. Zie verder de afzonderlijke schilderhandleiding.

Niet aanbevolen coatingsystemen

Behandelsystemen met ijzersulfaat en kiezel hebben weinig effect op met Woodsafe FirePRO™ geïmpregneerd hout en hebben daarom niet hetzelfde snelle grijstinteneffect als onbehandeld hout. Overige systemen die niet worden aanbevolen, zijn onder andere witkalk, die geen toereikende bescherming tegen weersomstandigheden biedt. Neem contact op met support(@)woodsafe.se voor meer informatie of bel +46 21 147273.

Dakventilatie

Een dakventilatie met natuurlijke luchtcirculatie is zeer wenselijk voor alle soorten houten plafonds, al dan niet behandeld, omdat hierdoor vocht kan worden afgevoerd wanneer het dak wordt verwarmd door zonnestralen, ongeacht het seizoen. Dit komt door het 'schoorsteeneffect', waardoor lucht bij verhitting stijgt. Bij dakvoetventilatie bij een hellend dak en nokventilatie wordt door de natuurlijke luchtcirculatie effectief vocht afgevoerd. Verwarmde lucht ontsnapt bij de nok (samen met waterdamp die uit het hout verdampt) en tegelijkertijd wordt bij het bint frisse lucht aangetrokken. 

De frisse lucht wordt verwarmd bij het opstijgen in de vliering, waardoor de relatieve vochtigheid wordt verminderd en de capaciteit om waterdamp te absorberen wordt verhoogd. De stroom stopt voornamelijk 's nachts en bij bewolking en vochtig weer omdat dan verwarming door de zon ontbreekt. Daarom wordt in deze situaties geen vochtige buitenlucht aangetrokken. 

Vocht hoopt zich op in het dak als gevolg van activiteit op het woonoppervlak, zoals koken en douchen. De waterdamp in de lucht trekt via kleine 'luchtlekken' en bij hoeken tussen wand en plafond omhoog. Hierdoor kunnen lucht en vocht in de lucht omhoog richting de vliering stromen. Het vocht condenseert vaak op koude dakvlakken, waardoor het vochtgehalte van het hout wordt verhoogd en soms zelfs water op de isolatie druppelt. Vochtbarrières kunnen de verspreiding van vocht op de vliering verminderen, maar luchtlekkage kan wel 10 keer zo veel vocht omhoog naar vliering dragen als verspreiding via gipsplaat of ander materiaal. Aangezien een vochtbarrière niet meer dan ongeveer 10% van de vochtstroom in de dakruimte tegenhoudt, lijkt het niet logisch om de kleinste vereiste vrij geventileerde ruimte (1/150 tot 1/300) te halveren enkel omdat een vochtbarrière wordt gebruikt. 

Een ventilator is een dubieuze oplossing. De meeste ventilatoren hebben temperatuuractivering, wat inhoudt dat ze 's winters, als vocht zich het snelst ophoopt, niet werken. Ventilatoren zijn geen vervanging van natuurlijke ventilatie. Gevelventilatoren helpen ook niet veel, aangezien er geen luchtstroom wordt gecreëerd als de wind niet precies goed waait. 

Er zijn geen eenvoudige antwoorden op de vraag hoeveel ventilatie nodig is in een plafond. Het is wel zeker dat de ventilatie gelijkmatig verdeeld moet worden over de ventielen van de nokventilatie en de bintventilatie, voor zowel onbehandeld als behandeld multiplex. Schilddaken, platte daken en lessenaarsdaken zijn lastig te ventileren omdat de vorm een goede natuurlijke ventilatie tegenwerkt. Elk type dak moet afzonderlijk worden geanalyseerd om te kunnen zorgen voor een goede vochtregulatie. 

Wilt u onze experts raadplegen? U vindt onze experts hier.